Een wens of waarde zegt wat je belangrijk vindt; gedrag beschrijft wat er in een situatie gebeurt. Die twee kunnen uiteenlopen zonder dat één zin je hele karakter verklaart. Je bent wat je doet past bij het onderzoeken van die afstand, met ruimte voor oefeningen.
Begin met drie soorten uitspraken
“Lezen is belangrijk”, “ik wil vanavond lezen” en “ik heb het boek opengeslagen” beschrijven respectievelijk een waarde, een voornemen en een handeling. Zet zulke uitspraken niet op één hoop. Anders lijkt het alsof een overtuigende wens het praktische begin al heeft geregeld.
Maak de observatie kleiner
Kijk niet meteen naar een hele maand. Welke handeling vond op één gekozen moment plaats? Wat was er toen mogelijk en wat kwam ertussen? Een kleine beschrijving is bruikbaarder dan een algemeen oordeel als “ik ben nu eenmaal een uitsteller”.
Kies bewust voor opdrachten
De uitgever noemt Je bent wat je doet ook een werkboek. Dat kan passen als je iets wilt noteren of uitwerken. Zoek je juist een doorlopend verklarend verhaal, dan sluit Macht der gewoonte mogelijk beter aan. Een ander leesdoel vraagt niet om jezelf harder aan te pakken.
Evalueer een notitie zonder score
Een leesnotitie hoeft geen prestatiemeting te worden. Kijk of je na het schrijven een preciezere vraag kunt stellen dan ervoor. Het boek en onze vergelijking beloven geen gedragsverandering; ze helpen je onderscheid maken tussen woorden over jezelf en een beschreven situatie.
Verwante leesvragen
- Verklaar je je eigen vergissing anders dan die van een ander?
- Verklaart een gewoontelus ook waarom gedrag ontstaat?
